Neophema

Bourke parkiet (Neophema bourkii)
D: Bourkesittich GB: Bourke’s parrakeet
Maten en gewichten
Lengte: 21 cm. – Gewichten: man 47-49 gram, pop 42-49 gram. – Ringmaat: 4 mm.

Omgeving en gedrag

De Bourke parkiet heeft een voorkeur voor droge en halfdroge terreinen met acaciastruiken waar de jaarlijkse regeval niet boven de 250 mm komt. Het is een typisch voorbeeld van de diersoorten van het Australische binnenland: bij ideale voedselomstandigheden (na voldoende regen) bereikt de Bourke een grote verspreiding en dichtheid. Als de voedselsituatie slechter wordt kan de soort in omvang sterk teruglopen. Deze vogels worden in de natuur niet zo veel waargenomen, omdat ze in een gebied thuishoren dat niet bewoond is en waar weinig mensen komen; een tweede oorzaak is dat ze vooral in de vroege morgen en in de schemering actief zijn, waardoor ze mede door hun goede schutkleur niet opvallen. Ze komen soms zelfs ’s nachts in beweging, vooral bij heldere maan. De waarnemer kan ze dan zelfs hóren vliegen. Deze nachtelijke activiteiten verklaren waarom deze parkieten zulke grote ogen hebben. Gewoonlijk komen ze in paren of kleine groepen voor; in tijden van droogte kunnen er wel honderd of meer bij waterplaatsen worden aangetroffen. Ze trekken rond, afhankelijk van de weersomstandigheden, en het is niet of nauwelijks te voorspellen waar ze wel of niet kunnen worden gevonden. Het hier beschreven gedrag hebben ze in de volière gehouden; overdag zijn ze erg rustig, terwij ze tijdens de dageraad en schemering actiever worden.


Blauwvleugel parkiet (Neophema chrysostoma)
D: Feinsittich GB: Blue-winged grass parrakeet
Maten en gewichten
Lengte: 21 cm. – Gewichten: man 48-61 gram, pop 44-49 gram. – Ringmaat: 4 mm

Omgeving en gedrag
De blauwvleugel is de minst gespecialiseerde Neophema, hij is te vinden in verschillende terreinen: van de groene bergen van Tasmanië tot het droge binnenland van Australië met daartussen savannes, licht beboste heuvelhellingen, valleien, grasland met wat bomen en kustgebieden. Ze zijn daar algemeen. Waarschijnlijk zijn er twee groepen te onderscheiden: de ene broedt in zuidoostelijk Australië en de andere trekt daarvoor naar Tasmanië. Blauwvleugels houden zich op in paren of in kleine groepen; in de winter willen ze wel eens in grotere hoeveelheden rondtrekken. Een groot deel van de tijd scharrelen ze op de grond op zoek naar voedsel.

Elegant parkiet (Neophema elegans)
D: Schmucksittich GB: Elegant grass parrakeet
Maten en gewichten
Lengte: 22 cm. – Gewichten: man 42-51 gram, pop 42-44 gram. – Ringmaat: 4 mm

Omgeving en gedrag
Elegant parkieten kiezen meer open en half open gebied, grasland met wat bomen, terreinen met acacia- en eucalyptusstruiken, zoutminnende vegetatie en zandige kuststreken. Ze zoeken overal op de grond naar voedsel en zijn daardoor uitstekend gecamoufleerd. Ze zijn vrij schuw en moeilijk te benaderen. Buiten de broedtijd kunnen ze grote groepen tot zo’n honderd vogels vormen, soms gemengd met blauwvleugels, waar de verspreidingsgebieden van beide elkaar overlappen. Naarmate de broedtijd nadert vindt er een opsplitsing in paren of kleine groepjes plaats.


Turquoisine parkiet (Neophema pulchella)
D: Schönsittich GB: Turquoisine grass parrakeet
Maten en gewichten
Lengte: 20 cm. – Gewichten: man 37-44 gram, pop 38 gram. – Ringmaat: 4 mm.

Omgeving en gedrag
Turquoisines hebben een voorkeur voor de overgang van bebost naar open terrein. Deze is te vinden op de hellingen van de Great Dividing Range, in beschutte valleien, langs waterlopen en rond graslanden. Ze zijn daar algemeen, veel in paren of kleine groepen tot dertig vogels. Het grootste deel van de dag zoeken ze op de grond naar graszaden; ze schijnen in de natuur één keer per dag te drinken, net voor het eerste licht.

Splendid parkiet
D: Glanzsittich GB: Splendid grass parrakeet
Maten en gewichten
Lengte: 20 cm. – Gewichten: man 40-44 gram, pop 36-37 gram. – Ringmaat: 4 mm.

Omgeving en gedrag
De splendid is een vogel van het droge en woestijnachtige binnenland van Australië. Hier groeien, vooral na de spaarzame regenperioden, grassen en kruiden waar hij op af komt. Ook bevinden zich daar wel struikachtige eucalyptussen en acacia’s. In de broedperiode zonderen de splendids zich paarsgewijs af, daarbuiten vormen ze groepen van tien tot twintig exemplaren. Een groot deel van de dag, vanwege de hitte vooral ’s morgens en ’s avonds, zoeken ze op de grond of in lage struiken naar zaden. Ze volgen daarbij de zadende planten, die daar zijn waar toevallig regen is gevallen. Omdat dit onvoorspelbaar is leiden splendid parkieten een sterk nomadisch bestaan en komen ze soms op plaatsen, waar ze zijn gesignaleerd, jaren niet terug. Dit, tesamen met het feit dat er in dit gebied weinig mensen komen, heeft ertoe geleid dat wel wordt gedacht dat dit een zeldzame soort is. Veel waarnemers in Australië zijn echter van mening dat het wel meevalt en dat er daar meer in het wild rondvliegen dan altijd werd gedacht.

Lathamus
Swift parkiet
(Lathamus discolor)
D: Schwalbensittich GB: Swift parrakeet
Maten en gewichten
Lengte: 25 cm. – Gewichten: 50-74 gram. – Ringmaat: 5 mm.

Omgeving en gedrag
De swift parkiet broedt alleen op Tasmanië en de omringende eilanden. Ze gaan in de herfst en in de winter naar Australië, waar ze rondtrekken zonder een vaste standplaats te hebben. Omdat ze voor hun voeding zijn aangewezen op bomen zijn ze eigenlijk overal te vinden waar deze voorkomen: vrijwel geheel Tasmanië en zuidoostelijk Australië. Ze hebben daarbij een voorkeur voor open droog loofbos. Swift parkieten trekken rond in lawaaierige kleine groepen; hun snelle vlucht lijkt op die van een zwaluw. Af en toe vormen ze grote groepen. Gewoonlijk voeden ze zich in de bovenste takken van bloeiende eucalyptusbomen. Het zijn typische boomvogels die alleen naar de grond komen om te drinken. Ze lijken in hun voeding en gedrag veel op lori’s.